RAMS Business centre

RAMS Business centre

Arhi-Grup

De ARHI GRUP toont aan hoe het buigen en creatief indelen van gevels dynamiek kan geven aan een vorm die aan regelgeving en economische efficiency is gebonden.

De glazen vliesgevel is zonder twijfel een van de krachtigste bouwkundige symbolen van het Roemenië na 1989. De vliesgevel, die in het communistische landschap nauwelijks voorkwam en alleen soms voor fabrieksgebouwen werd gebruikt, werd steeds meer toegepast toen het regime veranderde en de overgang naar een vrije markteconomie tot stand kwam. En hoewel er in de eerste jaren na de revolutie alleen nog maar eenvoudige systemen en oplossingen voorhanden waren, kwamen er al snel geavanceerdere toepassingen. Daardoor konden na verloop van tijd nieuwe bouwkundige oplossingen tot stand worden gebracht, die zich qua complexiteit en creativiteit onderscheidden en veel verder gingen dan de standaardformule. Rams Business Center is zo’n kantoorgebouw dat tot de bouwkundige top behoort en uitstijgt boven alles wat doorsnee is. Het gebouw ligt aan de rand van Boekarest waar zich de laatste jaren een enorme groei heeft voorgedaan. De voormalige fabrieksterreinen in het gebied ondergaan een snelle verstedelijking en er verrijzen verschillende woon- en kantoorcomplexen. De bouwregelgeving schreef een lomp volume voor, dat door een aantal creatieve ingrepen echter toch elegantie heeft gekregen. Het architectonische antwoord op deze bouwverordeningen was een ontwerp waarin het gebouw in twee delen is verdeeld. De twee delen voldoen aan de vereiste hoogtes en verzachten de krachtige impact van het omvangrijke, negen verdiepingen tellende gebouw. Logischerwijs bevat het verbindingsstuk tussen de gebouwen zowel de ingang als de kern met liften en trappen.

Twee polyeders

Het beeld van twee aparte blokken wordt bepaald door de verschillend uitkragende gevels en de opening daartussen van het terugliggende middendeel. Het totale volume is opgedeeld in twee onregelmatige polyeders die door een diepe opening van elkaar worden gescheiden. Door beide gebouwen van de voorgevels naar het verbindingspunt met een schuine lijn te doorsnijden, worden de dieper liggende entree en de verkeersaders benadrukt. Aangezien de begane grond wat inspringt ten opzichte van de hoofdgebouwen, lijkt het of deze laatste iets boven de grond zweven. Deze vorm van decompositie wordt verder doorgevoerd door de verschillende behandeling van de gevels van de twee gebouwen. Het hoge, dikke gebouw lijkt op een semitransparant kristal waarvan het gelijkmatige oppervlak overgaat in de balustrade (op de eerste verdieping) van een ingebouwde loggia. Het brede, lagere gebouw is bedekt met een groot aantal afwisselend doorzichtige en ondoorzichtige stroken. Ze zijn onderdeel van hetzelfde plan en zorgen voor een dubbelzinnigheid in de waarneming: je kunt de gevel als een doorlopend oppervlak lezen of de blik richten op de afwisseling van ramen en borstweringen. De elementen van deze gevel hebben geen regelmatig ritme, sterker nog, de ondoorzichtige panelen zijn in drie kleuren geschilderd, waardoor het hele oppervlak een spel van willekeurig geplaatste elementen vormt. Het kleurenspel gaat de hoek om en loopt dan door tot aan het tegengestelde effen achterzijde van het gebouw en tot aan een deel van de zijgevel van het glazen gebouw. Daar komen het vezelcement en het glazen oppervlak samen in een diagonale rand, waardoor de twee verschillende stijlen van hetzelfde gebouw nog extra worden benadrukt.

Glooien en overhellen

De opzet is vrij eenvoudig: er is een open ruimte met een soort ruggengraat in het midden waarin zich de technische ruimtes en verkeersaders bevinden. De as waarop de entree is geplaatst doorbreekt de ruggengraat net voor de verkeersaders. Het meest spectaculaire uitzicht is langs de voorgevel te vinden: het glooien en overhellen van de gevel en de verschillende uitsparingen van de verdiepingen zijn daar uitermate goed zichtbaar en zorgen ervoor dat de binnenkant een dynamische uitstraling krijgt. Op de gevel heeft men zich wat betreft innovaties en bijzondere details nog het meest kunnen uitleven. Er werden twee Reynaers-systemen gebruikt: CS 68 voor de buitendeuren en CW 50 voor de gevel. De ondoorzichtige panelen zijn in de gevel geïntegreerd en bestaan uit een metalen omlijsting die zowel thermische isolatie als bescherming tegen brand biedt, waarin met klinknagels een vezelcementplaat is bevestigd. De tussenruimte tussen de omlijsting en de plaat zorgt ervoor dat het principe van de geventileerde gevel blijft behouden, zelfs in dit gebied. Binnen de gehele gevel is sprake van een beglazingssysteem met verborgen profielen achter het glas.

De verticale voegen zijn bedekt met flexibele, luchtdichte profielen, terwijl de horizontale voegen een aluminium coating hebben waardoor de horizontale lijnen van de gevel zonder dat het opvalt, nog beter tot hun recht komen. Begrijpelijkerwijs vormden de randen waar de overhellende gedeeltes samenkomen de meest delicate delen van de constructie. Hoewel het gebouw er redelijk ingewikkeld uitziet, zijn er slechts drie van zulke randen. Deze randen werden in elkaar gepast door drie diagonale profielen die binnen de draagconstructie van de gevel werden geplaatst. Omdat de hoeken die vervolgens ontstonden, niet standaard waren, moesten deze profielen worden aangepast. Een speciaal ontworpen aluminium onderdeel verbindt het glazen oppervlak met het belangrijkste dragende element. Deze innovatie biedt meer oplossingen voor het bestaande systeem zodat er een eindeloos aantal varianten van ‘ruimtelijke gevels’ kan worden geschapen. Het effect is indrukwekkend en het gebouw is een krachtig baken geworden binnen een nogal rommelig gebied, ondanks de oorspronkelijke grootte die door het vereiste totale vloeroppervlak en de bouwverordeningen werd opgelegd. Het feit dat de gebouwen er, nu ze af zijn, bijna exact uitzien als de 3D-modellen uit het ontwerpstadium, bewijst wel hoe opmerkelijk er op de details is gelet en hoe goed de samenwerking was tussen architecten, leverancier, ontwerper en de gevelbouwer.

Constructeur: 
Plus confort
Architecten: 
Arhi-Grup
Locatie: 
Bucharest, Roemenië View on map
Fotograaf: 
Andrei Mărgulescu
Andere partners: 
Euro Property Rentals (Investors) Arhi-Grup (General Contractors)
Gebruikte Reynaers-systemen: